Referendum van ’69 blijft Papoea beroeren PDF Afdrukken

Uit het Reformatorisch Dagblad 04-11-2008 11:11 | Van onze correspondent

JAKARTA - In West-Papoea hebben negen kerkleiders de Indonesische regering opgeroepen een dialoog met het Papoeavolk aan te gaan. Zo moeten ze samen de beste oplossing vinden voor beslechting van de meningsverschillen rond het referendum van 1969. Toen stemden Papoease volksvertegenwoordigers voor aansluiting bij Indonesië.

In een gezamenlijke verklaring verzochten Papoealeiders van onder andere de Christelijke Indonesische Kerk (GKI), de Pantekosta Tabernakel Kerk en Papoease Baptist Kerk vorige week aan alle partijen om het autonomiereferendum te bespreken.

De kerkleiders verklaarden dat de plannen voor een massale demonstratie op 20 oktober het bewijs leverde dat nog steeds veel Papoea’s het referendum van 1969 afwijzen. De politie gaf toen geen toestemming voor de demonstratie, en arresteerde vervolgens de Papoease activistenleider Buchtar Tabuni. Op 16 oktober namen in de hoofdstad Jayapura ruim 2000 mensen deel aan een protestdemonstratie voor onafhankelijkheid van Papoea. Diverse demonstranten droegen spandoeken waarin de herziening van het referendum werd geëist.

De leiders van negen verschillende kerkgemeenschappen lijken met de gezamenlijke oproep de angel te willen trekken uit een sluimerend conflict tussen Indonesische veiligheidstroepen en Papoease onafhankelijkheidsactivisten. De Papoease activisten willen intussen steeds meer de situatie in West-Papoea op de internationale agenda krijgen.

Vorige maand hield een nieuw international ”Parlement voor West-Papoea” een conferentie in Londen. De aanwezigheid van twee Britse parlementariërs wekte de woede van veel Indonesische politici in Jakarta. Het Indonesische parlement heeft bij de Britse ambassade protest aangetekend tegen het Britse parlement vanwege zijn „steun aan separatisme.”

De conferentie had de oprichting van de ”International Parliamentarians voor West Papua” (IPWP) op het oog. De IPWP richt zijn lobbyactiviteiten vooral op het terugdraaien of veranderen van het referendum uit 1969. De organisatie hekelt het volksreferendum, omdat het zich op een representatief systeem van stamhoofden baseerde, in plaats van het geven van een stem aan iedere Papoea. In 2005 meldde de Nederlandse historicus Pieter Drooglever in opdracht van de Tweede Kamer in een rapport dat er bij het referendum geen sprake was van een eerlijke verkiezing. Drooglever bestempelde het getrapte systeem, waarin door de Indonesische regering aangewezen vertegenwoordigers stemden voor de aansluiting van Nieuw-Guinea bij Indonesië, als „een farce”, waarvan de uitkomst al van tevoren vaststond.